Kuifje in Woltersum

 

Moet een journalist zich aan de wet houden? De regels volgen? Doen wat het almaar uitdijende voorlichterskorps hem of haar voorkauwt?

 

Of moeten de regels wijken voor het verhaal?

 

Op vrijdagmorgen 7 januari rond 05.00 vliegen een aantal journalisten in grote haast hun bed uit. De dijk bij Woltersum, een dorpje in Groningen, dreigt het te begeven. De situatie is ernstig. Zo ernstig dat achthonderd Groningers direct huis en haard moeten verlaten voor het wassende water.

De politie nodigt journalisten uit zich te melden bij de voorlichter in Ten Boer, een dorp ongeveer vier kilometer van het bedreigde Woltersum.

 

Het dorp Woltersum is al snel niet meer op een normale manier te bereiken. Op alle wegen werpt de Mobiele Eenheid barrières op. Niemand mag het gebied in. Noodverordening. Op dat moment staat collega Goos de Boer (@goosmdeboer) van RTV Noord al enige tijd op de molen van Woltersum. Midden in het verhaal. Er is een cameraman mee.

De noodverordening is een lastig juridisch vehikel. De politie van Groningen legt het in dit geval als volgt uit: bewoners van een noodgebied kunnen niet met geweld worden gedwongen te vertrekken. Maar mensen die niets in het gebied te zoeken hebben, moeten zo snel mogelijk weg. En wie niet weg wil, zal worden gearresteerd.

Ik meld mij niet bij de voorlichter. Op mijn smartphone maak ik in het Twitter-programma Tweetdeck een aantal kolommen. Waaronder een kolom ‘Woltersum’. Informatie gaat via Twitter immers razendsnel. Met Google vind ik snel een adres in het bedreigde dorp. Ik overtuig de ME’er bij de afzetting dat ik er door moet om te helpen en noem het adres. Van een notariskantoor. De agent gelooft me, maar weigert. Omdat er van de andere kant bussen aankomen met evacués. Hij helpt me echter wel aan een andere route.

Zo rij ik even later via de achterdeur het gebied in. Praat met mensen die geëmotioneerd weg proberen te komen. Boeren die hun vee aan het redden zijn. Via Twitter zie ik wie er nog meer in het gebied zitten. En wat ze doen. Contact is zo gelegd. Ik hou mijn volgers op de hoogte. Alles onder #hoogwater.

Enkele uren later dreig ik alsnog door boze ME’ers uit het gebied te worden gezet. Ik weiger. Vind dat ik mijn werk moet kunnen doen. Het maakt geen indruk. De op handen zijnde arrestatie zou echter ook mijn krantenverhaal onderuit halen. De redactie heeft nog geen letter ontvangen. Ik ga weg. Om daarna nog twee keer terug te keren. Lopend over de verlaten velden, verkleed als loonwerker. Of dwars door de wegversperring. In de achterbak van een bestelbusje van een omwonende.

Een week later loop ik een café in Ten Boer binnen. Waar op dat moment een min of meer besloten vergadering is van gedupeerde boeren. Ik meld me niet als journalist en ga in de zaal zitten. Luister een uur naar de verhalen. Via Twitter zend ik wat berichten de wereld in. Dan staat een fors uit de kluiten gewassen veetransporteur op. ,,Voor we verder gaan, wie is die man in die zwarte jas! Naam en functie graag!’ Busted. Het getik op mijn telefoon heeft me waarschijnlijk verraden. Ik zeg wie ik ben. De sfeer is meteen grimmig. Iemand wil dat ik mijn telefoon en aantekeningen inlever. ‘Als we een stukje in de krant zien, dan weet je wat deze groep met je gaat doen.’

De voorzitter van LTO-Noord sust de gemoederen. Ik verlaat het café heelhuids. Met aantekeningen. Van Twitter lijken de aanwezige boeren nog niet te hebben gehoord. Die aantekeningen waren al eerder het café uit. Later belt LTO-Noord. De voorzitter voelde zich overvallen. Maar een journalist moet zijn werk kunnen doen. No hard feelings.

Natuurlijk. Het is allemaal niet zo braaf. En je kunt best kritiek hebben op mijn journalistieke mores. Ik had moeten luisteren naar de gezagsdragers. Niet zo eigenwijs zijn. Buiten het gebied blijven. En me keurig moeten melden bij de boeren.

Maar zou ik dan ook de verhalen hebben gehoord die ik nu heb gehoord? De tweets kunnen versturen die nu rond zijn gegaan?

Ik denk het niet. Dan zou ik het hebben moeten doen met het voorgekauwde verhaal van de voorlichters. Achteraf. Met een ingestudeerd praatje van een voorzitter van een boerenbond. Niets van de emotie van het moment.

Maar ik kan natuurlijk wel van alles beweren.

Dit is wat een van mijn ‘lijdende’ onderwerpen er zelf van zei. Een vrouw die midden in alle hectiek druk bezig was met het redden van tientallen dieren. Maar wel doodgemoedereerd tijd maakte om de verslaggever eerst een kop koffie te bezorgen:

,,Er is kritiek op de pers. Dat ze de hulpverleners met hun aanwezigheid in de weg liepen. Ik ben het daar niet mee eens. Jullie waren hier op het kritieke moment bij ons om ons verhaal te vertellen. En niet het verhaal van een ander. Achteraf.”

Donderdag ontmoette ik de man die tijdens de bijna-ramp alle overheidsdiensten aanstuurde. Waaronder de ME. Hij wist bijna per tweet wat ik de wereld in had gezonden. En hij was niet boos. Integendeel. ,,Je was stout, maar het was hilarisch. We hebben als crisisteam de informatie op Twitter met #hoogwater gevolgd. Ik was er ook bij toen een F-16 neerkwam in Sellingen. Hadden we toen maar Twitter gehad. Omwonenden twitteren locatie heel erg snel.”

Natuurlijk kun je zeggen dat instructies aan de pers niet voor niets worden gegeven. Dat er belangen zijn die boven vrije nieuwsgaring gaan. Dat dit niet klopt, ondervond Ana van Es (@anavanes), correspondent Noord bij de Volkskrant. Zij mocht eerder die week een labiele dijk in Tolbert niet op omdat ze anders de hulpverleners in de weg zou lopen. Toen zij even later alsnog door de versperring van de Mobiele Eenheid brak in een auto van een omwonende, zag ze de waarde van deze mededeling. Er was geen hulpverlener te bekennen.

Journalisten moeten op zoek naar het echte verhaal. Waar dan ook. Met de normale journalistieke regels in het achterhoofd. Niemand onnodig beschadigen. Hoor en wederhoor.

Maar als het nodig is om de regels daarvoor te negeren, dan moet dat.

Want het is prima om tijdens een noodverordening mensen te weren die niets in het noodgebied te zoeken hebben. Maar ik vind dat journalisten dat wel degelijk hebben.

Dit verhaal verscheen eerder op De Nieuwe Reporter

7 thoughts on “Kuifje in Woltersum

  1. Helemaal mee eens! Tegenwoordig is het nieuws vaak een opsomming van persberichten die kritiekloos worden voorgelezen. Als er echt iets gebeurd dan staan de voorlichters vooraan om journalisten duidelijk te maken dat de informatie via een persconferentie of een persbericht naar buiten zal komen. Dus zien we tientallen camera’s bij een persconferentie waar alleen wordt medegedeeld wat de persvoorlichter verstandig vindt. Dat is 80% van alle journalistiek (zeker in politiek, sport en bij (bijna) rampen).
    Wat je hier doet is op zoek naar het echte verhaal en dat zou de pers dus veel vaker moeten doen. Doorgaan!

  2. Chris als je psycholoog de zaken weer voor jou op een rij heeft gezet, ga je dan weer op oude voet verder?.

  3. Zolang de journalist informatie wil verzamelen, zie ik het maar als een spel. Het lijkt me bovendien heel goed dat in dergelijke situaties naast de officiele voorlichting van overheidszijde, de journalisten datgene doen wat ze feitelijk moeten doen: aan de hand van eigen waarneming feiten verzamelen. Het is toch ook van alle tijden. Ik herinner me bijvoorbeeld dat vrijwel direct na het oplossen van een moord een journalist via een personeelslift van een politiebureau terecht wist te komen op een werkkamer, waarnaast het rechercheoverleg plaatsvond. Bij een gijzeling werd een journalist aangetroffen in de kofferbalk van een auto binnen de afzetting. Achter hun bureaus hebben journalisten ook contact met mensen, wiens identiteit ze niet prijsgeven en ze vertellen je ook niet wie ze dossiers in handen speelt. Blijf je werk maar doen ook op deze manier Chris!

  4. Ik denk toch dat je je moet houden aan de wet, alleen al omdat je er ook het voordeel van wilt hebben.
    Aan de andere kant wil ik ook wel informatie hebben, ik ben hebberig tenslotte.

    Van mij mag je dus de wet overtreden als ik daar voordeel van heb.
    Maar daar moet jij de consequenties van dragen. 🙂

  5. Absurd dat journalisten op oneigenlijke gronden – met een noodverordening in de hand – de toegang tot een gebied ontzegd wordt.

    Toen ik als lokale omroep medewerker in 1995 verslag wilde doen de dreigende watersnood werd mij gelukkig geen strobreed in de weg gelegd en kon ik tot achter de afzettingen komen.

    Ik ben het helemaal met je eens dat je alleen zo het ware verhaal kunt vertellen. En een journalist hoort waarheidsvinding na te streven. Niet het voorgekookte en ingeblikte prefab verhaal van een voorlichter herkauwen dus.

    Hulde voor je doorzettingsvermogen en inventiviteit.

  6. Wel gek dat je zo ineens weg bent, Chris.
    Het doet me realiseren dat ook Rob ineens weg kan zijn.

    Ik vind dat geen prettige gedachten.

Reageren mag

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s